Leestijd: 3 minuten

Moet je in het familierecht procederen, bijvoorbeeld om een omgangsregeling? Dan heb je een nadeel als welwillende initiatiefnemer.

De normale verzoekschriftprocedure in het familierecht

Er zijn in principe twee partijen bij een rechtszaak in het familierecht. De initiatiefnemer en degene die zich verweert. De initiatiefnemer noemen we de ‘verzoeker’ en de tegenpartij noemen we de ‘verweerder’. Zijn er minderjarige kinderen, dan is in principe altijd de Raad voor de Kinderbescherming betrokken als belanghebbende.

De procedure begint door een schriftelijk verzoek aan de rechter om bijvoorbeeld een omgangsregeling vast te stellen, in een stuk dat verzoekschrift wordt genoemd. De andere partij krijgt vervolgens de gelegenheid om daar schriftelijk op te reageren, door indiening van een stuk dat verweerschrift wordt genoemd. Beide partijen kunnen onderbouwende stukken of bewijsstukken bijvoegen die hun standpunt kracht bij zetten. Deze stukken worden producties genoemd.

Samengevat gaat het dus zo: Verzoeker verzoekt gemotiveerd en verweerder verweert gemotiveerd, waarbij de verweerder op het moment dat deze het verweerschrift schrijft dus ook inzicht heeft in de argumenten en producties van de verzoeker.

Nu gebeurt het regelmatig dat een verweerder zelf ook iets wil verzoeken binnen het doel van de rechtszaak. Deze doet dan een tegenverzoek. De oorspronkelijke verzoeker wordt dan verweerder voor dit punt en krijgt de mogelijkheid hier schriftelijk op te reageren.

Hiermee wordt de schriftelijke uitwisseling van stukken afgesloten en volgt op een latere datum de mondelinge behandeling bij de rechter.

Hoor en wederhoor wordt in de praktijk regelmatig geschonden

Het komt echter regelmatig voor dat in het verweerschrift allerlei zaken worden gesteld die eigenlijk weersproken moeten worden. Dit kan bijvoorbeeld gaan om onjuist, verdraaid of onvolledig weergegeven gebeurtenissen. Of bijvoorbeeld om een onjuist beeld dat wordt neergezet.

Je zou zeggen, dan krijgt de verzoeker ook weer de mogelijkheid om hier schriftelijk op te reageren. Nee, is daarop het antwoord. Althans, bij de rechtbank lukt dit nog wel door een aanvullend stuk in te dienen, doch bij het gerechtshof blijkt dit niet mogelijk. En dit is de basis van ons standpunt dat hoor en wederhoor wordt geschonden.

De spelregels op de zitting leveren een nadeel op voor de verzoeker

Realiteit is dat de advocaten tijdens de zitting een zeer beperkte spreektijd krijgen. Deze spreektijd is zo beperkt, dat advocaten meestal een schriftelijk stuk maken, wat een pleitnota wordt genoemd. Dit stuk wordt ter zitting letterlijk voorgelezen door de advocaat. Regel voor regel. Het stuk mag niet langer zijn dan 2x A4 in een gebruikelijke lettergrootte en opmaak. En dit vertaalt zich in een spreektijd die niet langer kan zijn dan 10 minuten. Overigens geven de advocaten dit stuk ook aan de griffier. Dat is de persoon die in principe alles opschrijft wat er wordt gezegd.

Ook partijen zelf kunnen nog het woord voeren. Alleen ook deze tijd is beperkt en rechters hebben een hekel aan uitgebreide en gedetailleerde verhalen (ook als het allemaal terechte punten zijn).

Deze gang van zaken stelt de verzoeker voor een probleem als de ‘onjuiste punten’ in het verweerschrift zeer groot in aantal zijn. Noch de advocaat, noch de verzoeker zelf krijgt voldoende ruimte voor een gedetailleerd mondeling verweer en ook schriftelijk mag je geen verweer meer indienen.

Hiermee heeft de verzoeker dus een nadeel en de vraag is of ‘vanuit het belang van het kind bezien’ dit zo zou moeten zijn.

5 concrete tips voor de zitting

  1. Focus maximaal op de feiten die voor de zaak relevant zijn.
  2. Zorg dat je van te voren de pleitnota van je advocaat hebt gelezen en dat jullie het eens zijn over wat er door jou nog wordt gezegd. Schrijf dit ook op.
  3. Weerspreek in algemene zin bijvoorbeeld het beeld dat de andere partij creëert of de conclusie die deze verbindt aan de zelf ingebrachte standpunten en producties.
  4. Gebruik je tijd om een evenwichtige en consistente indruk achter te laten bij de rechter.
  5. Zorg dat je pen en papier bij de hand hebt om direct punten op te schrijven die door de andere advocaat of de wederpartij op de zitting worden gezegd. Hierop kan je wel mondeling reageren.

Verder onderzoek naar verschillende oplossingsrichtingen

De komende tijd gaan we met verschillende advocaten het gesprek aan om bij hen hun oplossing voor dit vraagstuk te polsen. Zodra er nieuwe inzichten zijn, dan zullen we dit blog hiermee updaten.

Laatst bijgewerkt op: