Hoe herken ik een niet-welwillende ouder?
Bijgewerkt: 6 januari 2026
Een niet-welwillende ouder neemt – bezien vanuit het kind – geen eigenaarschap voor het bereiken van positieve ‘andere-ouder-inclusieve’ resultaten. De ouder handelt zich daarin zelfbepalend, veelal voor zichzelf gerechtvaardigd doordat hij/zij (inmiddels) de feitelijke hoofdverblijfouder is en/of dat hij/zij kan bouwen op de loyaliteit van het kind en/of op het standpunt van bijv. een hulpverlener dat hij/zij dit niet zou hoeven doen.
Deze ouders houden zich niet aan de ouderschapsnormen of leggen deze op een wijze uit dat slechts zijzelf (nog) nodig zijn voor het faciliteren en waarborgen van ‘een gezonde en evenwichtige ontwikkeling’ van het kind, zonder daartoe door een rechter te zijn gemandateerd in de vorm van een rechterlijke omgangsontzegging met het kind voor de andere ouder.
Een niet-welwillende ouder neemt geen of te weinig initiatieven op inter-ouderniveau om bezien vanuit het kind rust, duidelijkheid en een goede ouderschapsrelatie tussen de ouders te realiseren. Deze ouders nemen ook geen onvoorwaardelijk eigenaarschap voor het bevorderen van de band tussen het kind en de andere ouder (en diens familiecontext). Ook schenden ze veelvuldig hun informatieplicht, hun consultatieplicht en/of de (vervangende) toestemming-vooraf-plicht.
We zien in de praktijk vele vormen van actief of passief strijdgedrag. Het is gedrag dat het kind in een spanningsvolle situatie houdt, de inter-ouderstrijd in stand houdt/drijft, door het kind, professionals en/of derden daarbij in te zetten. Het is strijdgedrag dat volgens rechtspraak kwalificeert als een vorm van kindermishandeling.
Biedt dit artikel de uitleg die je zocht?
Bedankt voor je positieve feedback!
Bedankt voor je inbreng!
Feedback wordt in principe binnen 5 werkdagen verwerkt. Kom je later nog een keer terug?
