← Terug
/ Kennisbank /Ouderlijk gezag/Verhuizen met een kind

Verhuizen met een kind Sub-thema

Bijgewerkt: 3 september 2026 | Wetsingang: Art. 1:253a lid 1 BW

Een verhuizing van het kind is één van de tientallen gezagsbeslissingen waarbij bij gezamenlijk gezag toestemming nodig is van de andere gezaghebbende ouder. Lukt dit niet in overleg met de andere ouder, dan kun je de familierechter vragen om hierin een beslissing te nemen.

De ouder die de hoofdverblijfplaats heeft van het minderjarige kind heeft in beginsel de vrijheid ergens anders een gezinsleven en toekomst op te bouwen. We zien veel dat ouders hier niet samen uitkomen en dat de kinderen hiervan uiteindelijk het meeste last hebben.

De verhuizing kan een ingrijpende impact hebben op het kind. Bijvoorbeeld door een noodzakelijke verandering van school of een toegenomen reistijd tussen de ouders. De twee grootste componenten in de impact voor het kind zijn o.i. echter de mogelijke invloed op de band (en het contact) dat het kind met de andere ouder heeft en het de-centraliseren van de sociale context van het kind.

Een ouder met gezamenlijk gezag die het hoofdverblijf heeft die wil verhuizen, moet vooraf toestemming hebben van de andere ouder. Als die toestemming niet wordt gegeven, dan kan de verhuizende ouder vervolgens de rechtbank ‘vervangende toestemming’ vragen voor de verhuizing. Hiertoe moet deze een verzoekschriftprocedure starten. In spoedeisende zaken, kan dit ook via een kort geding.

De rechter beoordeelt dan of de verhuizing in het belang is van het kind. De rechter moet bij een dergelijke beslissing alle omstandigheden van het geval in acht nemen. Dit volgt o.m. uit deze uitspraak van de Hoge Raad.

Dit kan er ook toe kan leiden dat andere belangen zwaarder wegen dan het belang van het kind. Wel dient het belang van het kind “een overweging van de eerste orde” te zijn bij de belangenafweging. In beginsel worden hierbij vaste afwegingskaders gehanteerd. Lees “Wat de rechter o.a. weegt” hierna.

Is de hoofdverblijfouder al verhuisd zonder (vervangende) toestemming vooraf lees dan: V&A: Ex is zonder toestemming verhuisd, wat nu?

Een onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming soms nodig

Voelt de rechter zich onvoldoende voorgelicht om een beslissing te nemen, dan kan deze de Raad voor de Kinderbescherming om advies vragen. Daarbij kunnen bijvoorbeeld de volgende vragen worden meegegeven aan de raad:

  • Hoe staat het kind tegenover verhuizing naar de andere woonplaats?
  • Hoe verhouden de belangen van het kind zich tot een eventuele verhuizing (en, daaruit volgend, wisseling van school, afscheid nemen van vriendjes, etc.)
  • Is de andere ouder in staat de zorg voor en de opvoeding van het kind te dragen, wanneer  de verzoekende ouder geen vervangende toestemming voor de verhuizing zal krijgen en de hoofdverblijfplaats van de minderjarigen bij de andere ouder zal worden bepaald?
  • Hoe staat het kind tegenover een eventuele bepaling van het hoofdverblijf bij de andere ouder?
  • Welke zorg- en contactregeling is het meest in het belang van het kind en komt het meest tegemoet aan de rechten van de andere ouder, wanneer het hoofdverblijf van het kind bij de verzoekende ouder (in die woonplaats) wordt bepaald?
  • Welke zorg- en contactregeling is het meest in het belang van het kind en komt het meest tegemoet aan de belangen van de verzoekende ouder, wanneer het hoofdverblijf van de minderjarigen bij de andere ouder wordt bepaald?

Tijdens het raadsonderzoek wordt de beslissing meestal aangehouden. Dit betekent dus dat de situatie in principe onveranderd blijft tot de rechter uitspraak doet. Rechters zijn overigens niet gebonden aan adviezen voor de Raad voor de Kinderbescherming.

Niet altijd een inhoudelijke weging van de verhuiscriteria

Rondom verhuizingen wordt er in de rechtspraak veel zelfbepalend gedrag gezien, waarbij hoofdverblijfouders toch zonder (vervangende) toestemming vooraf verhuizen. Wat we dan veelal zien is dat de rechter dan toch nog een inhoudelijke afweging maakt op basis van de verhuiscriteria. Dit ondermijnt o.i. de rechtszekerheid van ouders doordat het de kracht van de ‘consultatie- en (vervangende) toestemming-vooraf-plicht’ ondermijnt.

Dat er geen noodzaak is om die inhoudelijke weging altijd te maken blijkt o.a. uit deze uitspraak van Gerechtshof Amsterdam. Hierin was de moeder zonder (vervangende) toestemming vooraf verhuisd. Het hof vond het niet nodig om – net als de rechtbank daarvoor – de afweging op basis van de verhuiscriteria te maken, omdat bij toewijzing van het verzoek ‘het belang van de kinderen doorslaggevend is’.

Toestemming niet altijd nodig

Toestemming van de andere gezaghebbende ouder lijkt overigens niet in alle situaties een vereiste. Zie voor een voorbeeld deze uitspraak van Rechtbank Midden-Nederland. Ouders met zeer jonge kinderen hadden in het eerste levensjaar van de kinderen op diverse plekken gewoond en omdat er geen sprake van was van een ‘stabiele woonsituatie’ achtte de rechtbank toestemming (van i.c. de vader) om te verhuizen niet nodig.

Verhuist de niet-hoofdverblijf (co-)ouder? Lees V&A: Verhuizen als ik geen hoofdverblijf heb, kan dat?

💬
Je bent niet alleen. Elke werkdag helpen we ouders zoals jij bij juridische trajecten en in belastende dynamieken. Kennismaken is vrijblijvend, kosteloos en vertrouwelijk. We werken daarna op betaalde basis. Lees meer over diensten en kosten en wanneer te starten.
Lees hierna onze inzichten en voorbeelden van rechterlijke uitspraken in vergelijkbare situaties. Is een rechtszaak onvermijdelijk? Ontdek ook onze kostenbesparende 'litigation support'.

Lees hierna verder ↴

Inzichten

  1. Het is belangrijk om als verhuizende ouder met het hoofdverblijf bij een voorgenomen verhuizing de procedure die ervoor staat gewoon te volgen. Dit is slechts anders als er dermate zware contra-indicaties verbonden zijn aan het wachten op die toestemming dat dit redelijkerwijs niet in het belang van het kind kan worden geacht (denk hierbij bijvoorbeeld aan situaties waarin sprake is van extreme onveiligheid).
  2. Voor de ouder met het hoofdverblijf is ook verhuizen naar het buitenland mogelijk. Dit wordt echter lastig bij een min-of-meer gelijke verdeling van de zorg- en opvoeding.
  3. Als vervangende toestemming voor verhuizen niet wordt gegeven en de verhuizing wordt toch doorgezet, dan kan dit ertoe leiden dat een opvolgend of voorwaardelijk verzoek van de andere ouder voor het wijzigen van de hoofdverblijfplaats van het kind succesvol is. Het is ook mogelijk om als verwerende (niet-hoofdverblijf) ouder de rechter te verzoeken om de hoofdverblijfplaats van het kind voorwaardelijk te wijzigen.
  4. Niet verhuizen, bekent ook de sociale context van het kind niet verhuizen. In het rechtspraak overzicht een uitspraak van Rechtbank Midden-Nederland waarin de rechter dat zelfs met een dwangsom kracht bijzette.
  • De noodzaak om te verhuizen.
  • De mate waarin de verhuizing is doordacht en voorbereid.
  • De door de verhuizende ouder geboden alternatieven en maatregelen om de gevolgen van de verhuizing voor de minderjarige en de andere ouder te verzachten en/of te compenseren.
  • De mate waarin de ouders in staat zijn tot onderlinge communicatie en overleg.
  • De rechten van de andere ouder en de minderjarige op onverminderd contact met elkaar in een vertrouwde omgeving.
  • De verdeling van de zorgtaken en de continuïteit van de zorg.
  • De frequentie van het contact tussen de minderjarige en de andere ouder voor en na de verhuizing.
  • De leeftijd van de minderjarige, zijn mening en de mate waarin de minderjarige geworteld is in zijn omgeving of juist gewend is aan verhuizingen.
  • De (extra) kosten van de omgang na de verhuizing.
  • Toetsing aan: Recommendation CM/Rec(2015)4 on preventing and resolving disputes on child relocation

Lees hierna verder ↴

Rechtspraak

Je leest een geactualiseerde selectie. Overweeg je juridische stappen na het lezen hiervan? Lees eerst hoe je een traject slim instapt.

Verhuizing toegestaan

Een moeder gaat in hoger beroep tegen de beslissing van Rechtbank Amsterdam over de vraag of zij met haar 12-jarige zoon mag verhuizen naar [plaats D]. Het kind woont nu ongeveer de helft van de tijd bij beide ouders, maar die co-ouderschapsregeling is niet vol te houden doordat de moeder al feitelijk naar [plaats D] vertrekt. Een bijzondere curator en de Raad voor de Kinderbescherming vinden dat verhuizen voor het kind het meest natuurlijk en passend is, mede omdat hij na de zomer toch naar de middelbare school gaat. Gerechtshof Amsterdam geeft de moeder daarom vervangende toestemming om met haar zoon te verhuizen en hem daar op het [X] Lyceum in te schrijven. Wel erkent het hof dat het contact met de vader daardoor fors wordt beperkt, maar het legt geen concrete nieuwe zorgregeling vast.

Volledige uitspraak

Een moeder start een procedure bij Rechtbank Den Haag met als doel toestemming te krijgen om met haar twee dochters van 9 en 7 jaar naar Drenthe te verhuizen. De vader verzette zich daartegen, wilde juist co-ouderschap en vroeg ook om het hoofdverblijf van de kinderen bij hem te bepalen als de moeder toch zou vertrekken. Rechtbank Den Haag wijst dat af: de huidige zorgregeling loopt goed, een week-op-week-afregeling vindt de rechter nu niet in het belang van de kinderen en de vader heeft nog geen stabiele woonsituatie. De moeder krijgt wel vervangende toestemming om naar [plaats 8] of elders binnen die driehoek te verhuizen en de kinderen daar in te schrijven. Wel mag de verhuizing pas doorgaan als de beslissing definitief is, en over de nieuwe school moeten de ouders eerst samen overleggen.

Volledige uitspraak

Een vader gaat in hoger beroep tegen de beslissing van Rechtbank Rotterdam die de moeder toestemming gaf om met hun 8-jarige kind naar [plaats 1] te verhuizen. Gerechtshof Den Haag laat die beslissing in stand: de moeder moest verhuizen vanwege haar woonsituatie, vond geen passende woning in de regio en mocht met haar nieuwe partner een gezinsleven opbouwen. Het hof vindt dat het kind het goed doet op de nieuwe school en dat het contact met de vader ondanks de grotere afstand nog steeds doorgaat. Daarom blijven ook het hoofdverblijf bij de moeder en de huidige zorgregeling in stand, en worden de verzoeken van de vader om terugverhuizing, schoolwijziging en co-ouderschap afgewezen.

Volledige uitspraak

Een moeder start een procedure bij Rechtbank Amsterdam met als doel vervangende toestemming te krijgen om met haar dochter [minderjarige 1] (ongeveer jong schoolkind) te verhuizen naar [nieuwe woonplaats]. De rechter vindt dat de moeder onzorgvuldig heeft gehandeld door feitelijk al te verhuizen zonder toestemming, maar weegt uiteindelijk zwaarder dat het kind gewend is aan het dagelijks leven in het gezin van de moeder met stiefvader, broer en zus. De moeder krijgt toestemming om te verhuizen, het hoofdverblijf van het kind blijft bij haar, maar de vader wordt gecompenseerd met drie weekenden per vier weken en de moeder moet het halen en brengen doen. Ook mag de moeder het kind inschrijven op een nieuwe basisschool in [nieuwe woonplaats] en aanmelden voor een hulpverleningstraject om met spanningen en veranderingen om te gaan.

Volledige uitspraak

Een moeder start een procedure bij de rechtbank Gelderland met als doel toestemming te krijgen om met de twee kinderen te verhuizen naar een andere stad. De moeder woont daar samen met haar nieuwe partner en hun gezamenlijke kind; de partner heeft ernstige gezondheidsklachten en zijn werk en zorg liggen in de nieuwe woonplaats.

De rechter vindt dat de kinderen vooral belang hebben bij stabiliteit in dit nieuwe gezin en dat de zorgregeling met de vader grotendeels kan blijven zoals die is, mede omdat de moeder al het halen en brengen op zich neemt. Omdat de verhuizing goed is voorbereid en de oudste dochter geen bezwaar heeft, weegt het belang van de moeder en het gezin zwaarder dan het belang van de vader om de verhuizing tegen te houden. De moeder krijgt daarom vervangende toestemming om te verhuizen en om de kinderen op nieuwe scholen en opvang in te schrijven.

Volledige uitspraak

Naschrift:

Een stabiel nieuw gezin en een goed doordacht verhuisplan, inclusief praktische oplossingen voor de zorgregeling geven de doorslag. De vader wordt feitelijk afgeremd in zijn wens tot uitbreiding van de zorg, omdat die wens niet concreet was en buiten deze procedure viel, terwijl zijn verlies aan alledaags contact beperkt wordt genoemd. De druk komt sterk te liggen bij de moeder, die alle logistiek moet dragen, en bij de kinderen, die zich moeten aanpassen aan een nieuwe woon- en schoolomgeving ver weg van de vader. Deze uitspraak roept de vraag op of er genoeg is gedaan om het eigen perspectief van elk kind echt los van de ouders te horen.

Verhuizing afgewezen

Een vader start een procedure bij Rechtbank Overijssel met als doel te voorkomen dat de moeder met hun zoon van ongeveer 1 jaar van [woonplaats 2] naar [plaats 1] verhuist. De rechter wijst die verhuizing af, omdat de noodzaak onvoldoende is aangetoond en de jongen nu juist veel en vaak contact heeft met beide ouders. Volgens de rechter zou de afstand van 48 kilometer het contact met de vader te zwaar en te onpraktisch maken, zeker voor zo’n jong kind. De moeder krijgt daarom een verhuisverbod met een dwangsom als zij toch vertrekt, terwijl het hoofdverblijf van het kind wel bij haar blijft. Over de definitieve zorgregeling beslist de rechter nog niet; eerst moeten de ouders met hulpverlening werken aan communicatie en samenwerking.

Volledige uitspraak

Een moeder start een procedure bij Rechtbank Rotterdam met als doel toestemming te krijgen om met haar dochter van ongeveer 15 jaar naar Turkije te verhuizen. De vader verzet zich daartegen, en de rechter gaat ervan uit dat beide ouders nog steeds samen het gezag hebben. De rechter vindt niet bewezen dat de verhuizing echt nodig is, omdat de moeder en haar partner inmiddels allebei werk in Nederland hebben. Ook is de verhuizing volgens de rechter onvoldoende voorbereid, vooral op het punt van school en toekomstperspectief van het kind. Daarom wijst Rechtbank Rotterdam het verzoek af: verhuizen naar Turkije is nu niet in het belang van de dochter.

Volledige uitspraak

Een moeder gaat in hoger beroep tegen de beslissing van Rechtbank Noord-Holland om haar geen toestemming te geven om met haar kinderen van 12, 10 en 3 jaar naar [plaats C] te verhuizen. Gerechtshof Amsterdam laat die afwijzing in stand, omdat de kinderen al hun hele leven in [plaats A] wonen, daar naar school gaan en nu evenveel contact hebben met beide ouders. Het hof vindt ook belangrijk dat de moeder in [plaats A] blijft werken, nog geen eigen woning in [plaats C] heeft en dat een verhuizing het dagelijkse contact met de vader sterk zou verminderen. De door de moeder gestelde onveiligheid in [plaats A] vindt het hof onvoldoende onderbouwd. Wel benadrukt het hof dat de voortdurende strijd en de tijdelijke birdnestingregeling zwaar op de kinderen drukken en dat snel hulpverlening nodig is voor een plan na verkoop van de woning.

Volledige uitspraak

Een moeder start een procedure bij Rechtbank Rotterdam met als doel de hoofdverblijfplaats van haar dochter van ongeveer 4 jaar naar haar toe te laten wijzigen, zodat het kind bij haar in een andere woonplaats kan gaan wonen. De rechter wijst dat af, omdat de verhuizing ruim 70 kilometer is, niet echt noodzakelijk is gemaakt en te veel ten koste zou gaan van het contact met de vader. De dochter blijft daarom wonen bij de vader, die ook vervangende toestemming krijgt om haar op een basisschool in zijn woonplaats in te schrijven. Omdat co-ouderschap door de afstand en de start op school niet meer werkt, stelt de rechter een nieuwe zorgregeling vast: de moeder heeft wekelijks contact, met om het weekend verblijf, een extra middag doordeweeks en de helft van vakanties en feestdagen. Het verzoek van de moeder om kinderalimentatie wordt afgewezen, terwijl de eerdere kinderrekening uit het ouderschapsplan vervalt.

Volledige uitspraak

Een moeder gaat in hoger beroep tegen de beslissing van Rechtbank Midden-Nederland om haar geen toestemming te geven om met haar kinderen van ongeveer 9 en 8 jaar naar [plaats1] te verhuizen. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden laat die afwijzing in stand, omdat de moeder volgens het hof niet heeft laten zien dat de verhuizing echt nodig is. Het hof vindt ook dat een verhuizing niet in het belang van de kinderen is, omdat hun school, vrienden, activiteiten en vertrouwde leven in [woonplaats] zijn, en één kind extra kwetsbaar is. Omdat de moeder heeft gezegd dat zij ook zonder de kinderen naar [plaats1] zal verhuizen, bepaalt het hof dat de kinderen dan hun hoofdverblijf bij de vader krijgen. Ook wordt de zorgregeling aangepast: de kinderen zijn dan vaker bij de vader, terwijl de moeder het vervoer moet regelen en rekening moet houden met hun sociale leven in [woonplaats]

Volledige uitspraak

Biedt dit artikel de uitleg die je zocht?

Heb je een suggestie, tip of idee? Klik hier.
Wat kan beter?
Onduidelijk
Onjuiste info
Te lang
Iets anders

Bedankt voor je positieve feedback!

Bedankt voor je inbreng!

Feedback wordt in principe binnen 5 werkdagen verwerkt. Kom je later nog een keer terug?

Bedankt! Je inbreng wordt zeer gewaardeerd.

Lees hierna verder ↴

Meer verdiepen?