Thema · Van gezamenlijk naar eenhoofdig gezag

Bijgewerkt: 9 mei 2024 | Wetsingang: Art. 1:253n BW en Art. 1:251a BW en Art. 1:266 BW | Leestijd: 36 minuten

Als het ouders niet lukt om neutraal met elkaar te communiceren en gezamenlijk belangrijke beslissingen te nemen in het belang van het kind, dan kan een situatie van eenhoofdig gezag in plaats van gezamenlijk gezag meer in het belang van het kind zijn.

Bij het de beoordeling of een wijziging in het ouderlijk gezag noodzakelijk is, wordt er door rechters gekeken in hoeverre een kind klem of verloren is tussen de ouders. M.a.w. of de afwezigheid van communicatie bij een gezamenlijk-gezag situatie leidt tot situaties die schadelijk zijn voor het kind. Wat velen echter niet weten is dat ook belangrijk is hoe/in hoeverre iemand zich inzet voor een goede ouderschapsrelatie naar het kind. Zie daarvoor o.m. deze uitspraak van Gerechtshof Den Haag.

Hoe kansrijk een verzoek is, is op voorhand niet te zeggen. Er kunnen duidelijke contra-indicaties zijn bij een ouder, bijvoorbeeld wanneer deze zonder valide redenen herhaaldelijk een voor het kind belangrijke beslissing dwarsboomt en/of er extreem schadelijk gedrag is. Dan is het makkelijker.

Het merendeel van de gepubliceerde uitspraken omvat situaties waarin een ouder met het hoofdverblijf van het kind een wijziging in het gezag voor zichzelf graag wenst, m.a.w. om de andere ouder buitenspel te zetten. De rechtspraak prikt hier echter in toenemende mate doorheen. Zo overwoog Rechtbank Den Haag in deze uitspraak het volgende:

Anders gezegd: het (de vader het ouderlijk gezag ontnemen, red.) is niet het middel dat de wonden kan helen en het kan helaas ook geen toekomstig soortgelijk verdriet voorkomen, mocht de vader onverhoopt toch terugvallen. Het is evenmin een strafmaatregel. Het is een juridisch instrument dat in uitzonderlijke situaties ten behoeve van het kind wordt toegepast, bijvoorbeeld wanneer gezamenlijke gezagsbeslissingen niet kunnen worden genomen, doordat de ene ouder dat belet.

Overigens kan ook de Raad voor de Kinderbescherming verzoeken dat een ouder het ouderlijk gezag wordt ontnomen, ook als er geen sprake is van een uithuisplaatsing. Dit is bevestigd door Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch in deze uitspraak.

Verder kan een grond voor het beëindigen van het ouderlijk gezag ook zijn dat de ouder in kwestie niet binnen een redelijke termijn weer kan voldoen aan de ouderschapsnorm van artikel 1:247 lid 2 BW (art. 1:266 lid 1 sub a BW). Dit zien we echter vooral bij uithuisplaatsingen. Tenslotte kan misbruik van het ouderlijk gezag grond vormen voor beëindiging daarvan (art. 1:266 lid 1 sub b BW).

Wordt het voortbestaan van het gezamenlijk gezag voor de rechter gebracht, dan vraagt de rechter de Raad voor de Kinderbescherming veelal om advies. Daarvoor worden door de rechter onderzoeksvragen aan de raad meegegeven die meestal heel generiek zijn zoals:

  • Een onderzoek in te stellen en nader te adviseren over het gezag.
  • Een onderzoek naar de samenwerking tussen de ouder, de GI, de pleegouders en pleegzorg.
  • Is de uitoefening van het gezamenlijk gezag van de ouders in het belang van het kind?

Het is mogelijk om de rechter te verzoeken het ouderlijk gezag van de andere ouder tijdelijk te schorsen. Dit was onder meer aan de orde in deze uitspraak van Rechtbank Midden-Nederland.

Overigens betekent beëindiging van het gezamenlijk ouderlijk gezag niet dat de andere ouder geen recht meer heeft op omgang met het kind. Het betekent ook niet dat die ouder geen recht meer heeft op informatie of niet geconsulteerd hoeft te worden bij belangrijke beslissingen. Dit zijn allemaal losstaande zaken.

Overweeg je een procedure om de andere ouder het gezag te ontnemen, kijk dan eerst kritisch naar je eigen gedrag en pas dit waar mogelijk aan.

Heb je het idee dat je ex-partner mogelijk een verzoek zal doen omdat je je grensoverschrijdend gedraagt of hebt gedragen, neem dan eigenaarschap voor een positieve omkering. Daarmee pas in hoger beroep beginnen is mogelijk te laat, zoals in deze uitspraak van Gerechtshof Den Bosch.

Tot slot, een kritische noot. We zien wel dat ouders het gezag verliezen vanwegen bijvoorbeeld onbereikbaarheid, dan wel onvoldoende betrokkenheid bij hun kind. Wat we echter onvoldoende zien is dat de rechtspraak deze zelfde maat hanteert bij hoofdverblijfouders die de andere ouder het deelnemen aan gezagsbeslissingen onmogelijk maken door de informatie- en consultatieplicht niet na te leven. Dit gedrag blijft veelal zonder consequenties, wat o.i. bij betrokken ouders het vertrouwen in de rechtsstaat ondermijnt.

Is een rechtszaak onvermijdelijk? Lees hierna onze inzichten en voorbeelden van rechterlijke uitspraken in vergelijkbare situaties. Ontdek ook onze kostenbesparende 'litigation support'.

Contact ons voor hulp.
Lees hierna verder ↴

Inzichten

  1. Klemcriterium staat centraal (Art. 1:251a lid 1 BW)
  2. In nagenoeg alle gevallen vraagt de rechter advies aan de Raad voor de Kinderbescherming. De Raad doet geen onderzoek naar het werkelijke gedrag van ouders in relatie tot 1:247 lid 3 BW. Dit is iets dat wij juist wel graag zouden zien. Lees ons blog hierover.
  3. Wanneer er geen contra-indicaties zijn bij de andere ouder, m.a.w. als deze consistent meewerkend/overleggericht/welwillend gedrag laat zien, is een verzoek voor het verkrijgen van eenhoofdig ouderlijk gezag weinig kansrijk.
  4. Als er wel (historische) contra-indicaties zijn bij de andere ouder dan kijken rechters ook in hoeverre deze ouder inspanningen heeft verricht om de gevolgen hiervan voor het kind en eventueel de andere ouder te verminderen. En in welke mate er zelfinzicht is over de gevolgen voor het kind en de andere ouder.
  5. We zien in toenemende mate uitspraken waarin eenhoofdig ouderlijk gezag niet wordt toegewezen omdat de andere ouder daardoor teveel buiten beeld zou geraken. Dit is overigens alleen bij zaken waarin er geen contra-indicaties zijn bij deze ouder.
  6. In het merendeel van de gepubliceerde rechtszaken gaat eenhoofdig ouderlijk gezag uiteindelijk naar de moeder. Dit wordt ook veroorzaakt doordat meer moeders het hoofdverblijf hebben dan vaders.
  7. Ook verzoeken van vaders om eenhoofdig gezag kunnen succesvol zijn.
  • In hoeverre er kindsignalen zijn, die ook door professionele derden zijn vastgesteld.
  • In welke mate er communicatie tussen de ouders is en zij in staat zijn om gezamenlijk te overleggen en tot beslissingen te komen.
  • Voor zover het kind mogelijk wel klem- en verloren is tussen de ouders, in hoeverre te verwachten is dat hier binnen afzienbare tijd verandering in komt.
  • De uitkomsten van het onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming.
  • In hoeverre een van de ouders met het ouderlijk gezag zich niet-welwillend of onbereikbaar voor overleg toont.

Contact ons voor hulp.
Lees hierna verder ↴

Rechtspraak

Je leest een selectie. Deze wordt regelmatig bijgewerkt. Meer uitspraken of research nodig? Contact ons voor hulp.

Eenhoofdig gezag toegewezen

Een kind wordt met een machtiging uit huis gelaatst van de moeder naar de vader. Moeder heeft samengevat ‘zaken niet goed op de rit’ en voor haar wordt hulp ingezet. Ze heeft beperkt begeleid contact met haar kind. Ze dwarsboomt echter ook gezagsbeslissingen waardoor vader voor ogenschijnlijk kleine zaken bij de rechter vervangende toestemming moet verzoeken. Ook verbindt moeder voorwaarden aan het meewerken.

Het hof is van mening dan klem-verloren dreigt en ontneemt moeder het ouderlijk gezag.

Volledige uitspraak

Naschrift:

Wat opvalt is dat vader kennelijk aansporing behoeft om zich aan een eerder vastgestelde informatieregeling te houden. Ofschoon de beschreven feiten wel aanleiding geven voor eenhoofdig gezag had het hof op dat punt een sterker signaal aan vader kunnen/moeten geven.

Een moeder tracht veelvuldig met de vader in overleg te komen over gezagsbeslissingen. Dit lukt echter niet vlot en veelal pas nadat de moeder dreigt om het voor te gaan leggen aan de rechter. De kinderen staan onder toezicht en de GI typeert het gedrag van de vader als dat van een ‘jammerende kleuter’ die zijn emoties niet onder controle had. Hieruit blijkt dat de vader niet het belang van de kinderen voorop kan stellen. De GI stelt verder dat vader hulpverlening en GI overspoelt met berichten en lange mails, ook midden in de nacht. Uit het gedrag blijkt niet een stabiele persoonlijkheid, aldus de GI. Daar komt bij dat er tijdens de relatie met de moeder, maar ook in de periode daar na sprake is geweest van alcohol- en drugsgebruik uitmondend in agressie.

De rechtbank ontneemt de vader het ouderlijk gezag.

Volledige uitspraak

Naschrift:

Voor vader wordt daarnaast een minimale (aanvankelijk) begeleide omgang vastgesteld.

Een vader met de Begische nationaliteit ontvoert zijn kind naar België en houdt haar daar 8 maanden verborgen voor de moeder. Ook heeft hij niet meegewerkt aan het vaccineren van het kind. Vader verliest het ouderlijk gezag wegens misbruik daarvan en omdat overleg tussen de ouders onmogelijk is.

Volledige uitspraak

Naschrift:

Rechtbank Zeeland-West-Brabant overweegt o.m. het volgende: “De man heeft de vrouw op geen enkele wijze op de hoogte gehouden van het wel en wee van [minderjarige] gedurende de periode dat zij bij de man verbleef. Hierdoor staat n